Onderzoek na stilstandperiode
Na toepassing van bodemluchtextractie (BLE) en persluchtinjectie (PLI) kan er een resthoeveelheid drijflaag in de smeerzone achterblijven. Combinatie van BLE en PLI wordt meestal toegepast ter verwijdering van vluchtige verontreinigingen. Het is daarom een mogelijkheid om een in-situ sensor toe te passen om eventuele verdamping in de smeerzone in de tijd te kunnen detecteren. Een andere mogelijkheid is om snijdende monitoringspeilbuizen te bemonsteren met behulp van een perspexbuis.
Stopcriteria
Als stopcriteria kunnen de volgende zaken worden beschouwd:
• kosten per kg te verwijderen verontreiniging in de tijd (milieurendement);
• doorlopende kosten in vergelijking tot de kosten voor een andere type vervolgsanering.
Vervolgsanering
Na evaluatie van de stopcriteria kan de conclusie worden getrokken dat een ander type drijflaag- verwijdering techniek de voorkeur geniet om de sanering te vervolgen. Zo kan men wellicht besluiten om na het stoppen met BLE / PLI bijvoorbeeld over te gaan op meerfasenextractie.
Nazorg
Nazorg dient te bestaan uit het vaststellen van de mate van migratierisico via het grondwater. Hiertoe worden periodiek monsters uit het grondwater, rondom de smeerzone, genomen en geanalyseerd op de betreffende verontreinigingen.
Voor informatie over verspreiding van de restverontreiniging zie Afronding van drijflaagverwijderingstechnieken
Zie verder
· Intoductie drijflaagverwijdering door combinatie persluchtinjectie en bodemluchtextractie
· Ontwerp combinatie persluchtinjectie en bodemluchtextractie
· Uitvoeringsaspecten van combinatie bodemluchtextractie en persluchtinjectie
Terug naar Handboek drijflaagverwijdering
Aanvullende informatie