Go Search
Verdergaan naar hoofdinhoud
 
  Soilpedia
Home Soilpedia
Bibliotheek
Projecten
  
Soilpedia > Wikipagina's > Financiële lasten van ecologische risicobenaderingen  

Financiële lasten van ecologische risicobenaderingen

menu

Algemeen

 

De bodemecologie is belangrijk voor het functioneren van de bodem, verontreinigingen kunnen een negatief effect hebben op de bodemecologie. Om vast te stellen wat de effecten van bodemverontreiniging zijn op de bodemecologie kan de Triade methodiek worden gebruikt. In 2008-2009 is een brede evaluatie uitgevoerd van tot dan toe in Nederland uitgevoerde Triade onderzoeken, 56 in totaal. Een onderdeel van de evaluatie betrof de kosten voor het onderzoek in relatie tot de kosten van een eventueel eerder voorgenomen conventionele sanering. Uit de evaluatie is gebleken dat door de uitvoering van Triade onderzoek veel geld bespaard kan worden als blijkt dat niet of slechts gedeeltelijk gesaneerd hoeft te worden. In deze wikipagina wordt ingegaan op de kosten voor het bodemecologisch onderzoek, zowel in tijd als geld en de afweging of conventionele saneringen wel de juiste oplossing bieden.

 

Kosten

 

De kosten voor het bodemecologisch onderzoek en het beoordelen van de daadwerkelijke ecologische risico’s zijn afhankelijk van de wijze waarop het onderzoek is opgezet en de onderzoeksvragen. Met de wijze waarop het onderzoek is opgezet wordt bedoeld dat een onderzoek stapsgewijs kan worden uitgevoerd en de keuze van de te onderzoeken parameters. Het is evident dat indien meer parameters worden onderzocht, de kosten omhoog gaan. Het is niet mogelijk een standaard bedrag te noemen voor de uitvoering van het onderzoek. Uit de brede evaluatie van uitgevoerde Triade onderzoeken is gebleken dat de kosten variëren tussen € 5.000,-- en € 400.000,--, met een gemiddelde van € 26.000,-- (waarbij de zeer grote en omvangrijke projecten buiten beschouwing zijn gelaten). In Voorbeelden ecologische risicobeoordeling worden een aantal voorbeelden behandeld waarin wordt aangegeven wat de doelstelling was van het onderzoek, hoe het onderzoek is uitgevoerd, wat de uitkomsten en de kosten waren. Indien mogelijk wordt ook aangegeven wat de kosten van sanering geweest zouden zijn en of de doelstellingen zijn bereikt.

 

Zie verder Voorbeelden ecologische risicobeoordeling

 

Resultaten van locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling bieden de mogelijkheid om locatiespecifieke beheersopties te ontwikkelen. De resultaten van het onderzoek kunnen direct worden geïntegreerd in herinrichtingsplannen. Er zijn gevallen bekend waarbij het Triade onderzoek heeft gezorgd voor een enorme kostenbesparing doordat niet gesaneerd hoefde te worden op basis van ecologische risico’s (zoals vooraf wel was voorspeld middels Sanscrit). Doordat sanering niet noodzakelijk is, wordt ook overlast voorkomen. Verder zijn er locaties bekend waar beschermde plant- en diersoorten aanwezig zijn. Sanering heeft invloed op hun leefgebied. Wanneer op basis van bodemecologisch onderzoek blijkt dat sanering niet noodzakelijk is, kunnen leefgebieden behouden blijven. Op veel locaties blijkt uit Sanscrit dat er risico’s aanwezig zijn. In de praktijk betekent dat vaak dat er voorlopig geen acties worden ondernomen en dat de ontwikkelingen stil blijven liggen. Door uitvoering van de Triade worden onzekerheden met betrekking tot de aanwezigheid van risico’s weggenomen en worden ontwikkelingen weer vlot getrokken. Met andere woorden, door geld uit te geven aan bodemecologisch onderzoek kan veel geld bespaard worden op de sanering en kunnen leefgebieden voor bedreigde plant en diersoorten behouden blijven.

 

Tijdsduur

 

Zoveel locaties, zoveel onderzoeken. Het uit te voeren ecologisch onderzoek is altijd locatiespecifiek en hangt dus af van locatiespecifieke omstandigheden, de aanwezige verontreiniging, de onderzoeksvragen en de uiteindelijke doelstelling voor de locatie. Een richtlijn voor een tijdsduur is daarmee evenmin te geven als een richtlijn voor de kosten. Een eenvoudig eerstelijns onderzoek kost tenslotte minder tijd dan wanneer het onderzoek in verschillende vervolgfasen wordt uitgevoerd waarbij in iedere fase aanvullende, vaak steeds langdurigere, testen worden uitgevoerd.

 

Gemiddeld kan een eerste laag onderzoek (zoals beschreven in Vaststellen van stress door bodemverontreinigingen) binnen 4 tot 8 weken worden uitgevoerd. Als aanvullende testen noodzakelijk zijn moet rekening gehouden worden met een verlenging van het project met 10 tot 20 weken. Per onderzoeksfase moet rekening gehouden worden met een verlenging van het project.

 

Daarnaast is de tijdsduur van het onderzoek ook nog afhankelijk van het jaargetijde. In de winter is het niet mogelijk macrofauna analyses in de bodem uit te voeren of om regenwormen te verzamelen voor bioaccumulatie onderzoek. De beste tijd hiervoor is het voorjaar en de zomer.

 

Saneren, is dat wel ecologisch verantwoord?

 

Als op basis van een bodemecologisch onderzoek is vastgesteld, dat een locatie inderdaad met spoed moet worden gesaneerd vanwege onaanvaardbare ecologisch risico’s, is het de vraag hoe die sanering dan zou moeten worden uitgevoerd. Omdat het veelal om grootschalige locaties gaat met diffuse bodemverontreiniging, ligt vervanging van de verontreinigde contactzone of het opbrengen van een leeflaagconstructie het meest voor de hand. Maar het opbrengen van een leeflaag of afgraven van de verontreinigde laag is ongunstig voor het al aanwezige bodem-ecosysteem. Dit kan hierdoor verdwijnen. Is dat wel de bedoeling en hoe moeten we het op de lange termijn zien? De natuur herstelt zich altijd weer of er wordt een nieuw evenwicht gevormd. Het kost alleen tijd. Bovendien zijn er alternatieven voor het traditionele afgraven en afdekken zoals bijvoorbeeld stimuleren van de biologische afbraak.

 

Of saneren om ecologische redenen zinvol is, wordt sterk bepaald door de bodemfunctie van een locatie. Hieraan gekoppeld zijn het belang van natuurwaarden ten opzichte van andere belangen en het natuurwensbeeld, zover relevant. Op een industrieterrein zijn natuurwaarden meestal (maar niet altijd!) van ondergeschikt belang maar in een natuurgebied is het natuurwensbeeld bij uitstek bepalend. Over het belang van natuurwaarden in het stedelijk gebied lopen de meningen uiteen.

 

Saneren op de conventionele manier, dus afgraven of afdekken, is lang niet altijd in het belang van het ecosysteem in zijn geheel en het bodemecosysteem in het bijzonder. Er moet altijd een afweging gemaakt worden tussen enerzijds de risico’s die worden weg genomen door het verwijderen van de verontreiniging of het afdekken van de verontreiniging en anderzijds de affecten die de sanering heeft op de betreffende locatie en de omringende percelen.

 

De onderstaande voorbeelden 'Plan Goudplevier' en 'Vuilstort Het Waaltje' zijn locaties in natuurgebieden, waar op basis van natuurdoelstellingen is beoordeeld of uitvoering van ingrijpende sanerende maatregelen wel wenselijk is.

 

 

 

Referenties en aanvullende informatie

Bron
 
Laatst gewijzigd op 3-11-2010 10:36  door Adri Nipshagen, Erik de Vries