Op basis van analyses van de macrochemische parameters zuurstof, nitraat, ijzer (totaal opgelost), sulfaat, sulfide en methaan worden de redoxomstandigheden bepaald. Bij aanwezigheid van zuurstof (> 1 mg/l) is sprake van aërobe omstandigheden. Daarbij kan direct onderscheid worden gemaakt tussen aërobe locaties, met een geheel ander afbraakpotentieel, en anaërobe locaties. In de bovenstaande tabel zijn de criteria aangegeven op basis waarvan de redoxomstandigheden macrochemisch wordt bepaald.
De meest gebruikte methode voor het vaststellen van redoxomstandigheden in het veld is de redoxpotentiaal. Deze kan worden gemeten met een elektrode, maar dit is niet zo’n betrouwbare meting en dient meer indicatief te worden gebruikt. Naast de redoxpotentiaal wordt vaak de macrochemie gebruikt (zie hierboven) voor het bepalen van de redoxomstandigheden. Deze methode voldoet in principe wel voor een globaal inzicht, maar is voor een detaillering van de redoxomstandigheden minder geschikt. Zo kunnen redoxcomponenten van elders worden getransporteerd, verdwijnen door de vorming van neerslagen (bv. ijzer II en sulfide) en de parameters kunnen analytische problemen geven (bv. zuurstof). Door deze complicaties geven de gemeten concentraties van redoxparameters soms een onvolledig beeld van de redoxprocessen die optreden. Bij het afbraakproces van natuurlijk organisch materiaal in de bodem wordt waterstof door fermentatieve bacteriën geproduceerd. Het is een kortlevend tussenproduct, dat op het moment van ontstaan gebruikt wordt als elektronendonor in o.a. dechloreringsreacties.
De waterstof is daarbij in een bepaalde concentratie aanwezig en kan en moet in het veld worden gemeten met een mobiele gaschromatograaf. Er zijn twee verschillende benaderingen waarmee uit de gemeten waterstofconcentraties een redoxtoestand kan worden afgeleid: de empirische methode en de partiële evenwichtsbenadering. Deze meting is vrij kostbaar en de interpretatie vraagt zeer veel kennis van zaken.
De bodem is heterogeen, dus redoxzones kunnen ook (sterk) heterogeen verdeeld zijn. Als de overall redoxomstandigheid als sulfaatreducerend wordt gezien, kunnen daarnaast toch in bijv. microniches methaanvormende omstandigheden heersen, geschikt voor het optreden van volledige reductieve dechlorering.
Voor afbraakmogelijkheden van VOCl onder verschillende redoxomstandigheden zie Een samenvattend overzicht van de VOCl afbraakmogelijkheden
Referentie